Samenloop opgeheven IRV en bewaring: 1 procespunt genoeg

InstantieRechtbank Den Haag (zittingsplaats Groningen)
Datum03-03-2026
ECLIECLI:NL:RBDHA:2026:4194
ZaaknummerNL26.9569
TypeVreemdelingenrecht (art. 8:75a Awb – proceskostenveroordeling na intrekking beroep inreisverbod)
DictumVerzoek afgewezen

Feiten en procesverloop

Verzoeker (Oezbeekse nationaliteit) is op 1 februari 2026 een inreisverbod voor de duur van twee jaar opgelegd en tegelijkertijd in bewaring gesteld op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder b, Vw 2000. Op 17 februari 2026 heeft verzoeker in één (pro forma) beroepschrift zowel beroep ingesteld tegen de maatregel van bewaring (NL26.8728) als tegen het inreisverbod (NL26.9569).

Op 22 februari 2026 heeft de minister de maatregel van bewaring opgeheven en schadevergoeding en proceskosten aangeboden voor de bewaringsprocedure (1 punt). Verzoeker heeft het beroep tegen de bewaring ingetrokken. De minister heeft het inreisverbod eveneens opgeheven, omdat verzoeker tijdens het gehoor had verklaard voor het eerst asiel te willen aanvragen — in die omstandigheid kon geen inreisverbod worden opgelegd. Verzoeker heeft ook het inreisverbodberoep ingetrokken maar verzoekt op grond van artikel 8:75a Awb om afzonderlijke proceskostenveroordeling.

De zitting vond plaats op 27 februari 2026; verzoeker en diens gemachtigde zijn niet verschenen. Uitspraak gedaan op 3 maart 2026.

Overwegingen rechtbank

  • Tegemoetkomingsvraag (art. 8:75a Awb): De minister is aan het beroep tegemoetgekomen door het inreisverbod op te heffen. Rechtsregel: van tegemoetkomen is slechts sprake indien het bestuursorgaan een in het bestreden besluit ingenomen standpunt herziet op gronden die erkenning van onrechtmatigheid impliceren — ABRvS 18 juli 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX1816 en ABRvS 25 april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1604. Hieraan is voldaan.
  • Samenhangende zaken (art. 3 Bpb): Artikel 3 van het Besluit proceskosten bestuursrecht bepaalt dat samenhangende zaken als één zaak worden beschouwd. Beide procedures zijn gelijktijdig gestart met één pro forma beroepschrift, er zijn geen verdere proceshandelingen verricht, en de gemachtigde is dezelfde. Nu de minister in de bewaringsprocedure reeds proceskosten (1 punt) heeft aangeboden, bestaat geen grond voor toekenning van een afzonderlijk punt voor de inreisverbodprocedure. Verzoek afgewezen.
  • NB: Deze zaak betreft geen materiële bewaringsbeoordeling; er worden geen bewaringsgronden getoetst.

Conclusie en gevolgen

  • Uitspraak: Verzoek proceskostenveroordeling afgewezen.
  • Schadevergoeding (art. 106 Vw): N.v.t. — bewaring reeds opgeheven; schadevergoeding aangeboden in parallelle procedure NL26.8728.
  • Proceskosten: 1 punt aangeboden in bewaringsprocedure; geen afzonderlijk punt voor inreisverbodprocedure.
  • Rechtsmiddel: Hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking.

Noten

  1. ECLI:NL:RVS:2012:BX1816 — ABRvS 18 juli 2012: tegemoetkomingscriterium art. 8:75a Awb vereist erkenning onrechtmatigheid door het bestuursorgaan.
  2. ECLI:NL:RVS:2024:1604 — ABRvS 25 april 2024: bevestiging tegemoetkomingscriterium art. 8:75a Awb.
  3. Artikel 8:75a Awb — proceskostenveroordeling op verzoek bij intrekking beroep na tegemoetkomend besluit.
  4. Artikel 3 Besluit proceskosten bestuursrecht — samenhangende zaken worden voor proceskostenvaststelling als één zaak beschouwd.

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingen bewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder