Bewaring – Interim measure Polen – ECLI:NL:RBDHA:2025:6089
Rb. Den Haag (zp Haarlem) | 02-04-2025 | NL25.12737 | Bewaring – Dublin Polen – interim measure EHRM – zicht op overdracht | Beroep ongegrond
Feiten en Procesverloop
Eiser, van Tadzjiekse nationaliteit en geboren in 1987, is op 15 januari 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, Vw, in het kader van een overdracht op basis van de Dublinverordening aan Polen.
Eiser stelt dat de zeswekentermijn van artikel 28, derde lid, van de Dublinverordening is verstreken, dat overdracht vanwege een interim measure van het EHRM onmogelijk was, en dat hij psychisch zwaar lijdt onder zijn detentie.
De rechtbank heeft het beroep op 31 maart 2025 op zitting behandeld.
Overwegingen Rechtbank
Toepasselijkheid zeswekentermijn
De rechtbank stelt vast dat:
- Polen het terugnameverzoek op 7 juni 2023 expliciet heeft geaccepteerd.
- De herhaalde asielaanvraag en bewaring dateren van 15 januari 2025.
- De zeswekentermijn uit artikel 28, derde lid, Dublinverordening niet opnieuw begint te lopen bij een herhaalde aanvraag.
Er zijn geen nieuwe opschortende procedures gestart: het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de aanvraag en het verzoek om voorlopige voorziening hadden geen schorsende werking.
Interim measure EHRM
De overdracht was feitelijk niet mogelijk tussen 26 februari en 1 april 2025 vanwege een opgelegde interim measure. De rechtbank stelt vast dat dit de overdracht heeft vertraagd, maar dat dit niet betekent dat de bewaring onrechtmatig is, zolang de maatregel gericht blijft op overdracht en de minister voortvarend blijft handelen.
Poging tot overdracht
Een vlucht op 17 februari 2025 is niet doorgegaan door tegenwerking van eiser. De minister heeft een nieuwe vlucht gepland voor 3 april 2025. De rechtbank acht deze voortgang voldoende.
Belangenafweging en proportionaliteit
Eiser heeft gesteld slecht te slapen en in stressvolle omstandigheden te verkeren. De rechtbank acht deze omstandigheden niet zodanig dat voortduring van de maatregel disproportioneel is.
Ambtshalve toetsing
Geen onregelmatigheden geconstateerd.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: Beroep ongegrond
- Gevolgen: Bewaring blijft rechtmatig voortduren
- Proceskosten: Geen vergoeding
- Schadevergoeding: Afgewezen
Noten
• Dublinverordening (EU) nr. 604/2013
• Richtlijn 2013/33/EU
• ECLI:NL:RVS:2006:AZ4867