Bewaring – Geen risico op onttrekking – ECLI:NL:RBDHA:2025:6451
Rb. Den Haag (zp Rotterdam) | 04-04-2025 | NL25.14127 | Bewaring – Dublin Frankrijk – geen significant onttrekkingsrisico – schadevergoeding toegekend | Beroep gegrond
Feiten en Procesverloop
Eiseres, van Pakistaanse nationaliteit, is op 25 maart 2025 op grond van artikel 59a, eerste lid, Vw in bewaring gesteld met het oog op overdracht aan Frankrijk onder de Dublinverordening.
De maatregel is op 28 maart 2025 opgeheven wegens overdracht. Het beroep is op 2 april 2025 behandeld en strekt uitsluitend tot schadevergoeding.
Eiseres betwistte onder meer het bestaan van een significant risico op onttrekking.
Overwegingen Rechtbank
Grondslag bewaring en dragende gronden
De maatregel was gebaseerd op zware grond 3a (onregelmatige binnenkomst) en lichte gronden 4a, 4c en 4d.
- Grond 3m (noodzaak tot snelle overdracht) is ter zitting komen te vervallen.
- De rechtbank acht de overgebleven gronden feitelijk juist en voldoende onderbouwd: eiseres reisde met een verlopen Pakistaans paspoort en zonder geldig visum.
Toetsing aan onttrekkingsrisico
Hoewel in beginsel voldoende gronden aanwezig zijn, moet volgens vaste jurisprudentie (o.a. ECLI:NL:RVS:2020:829) ook het feitelijke gedrag worden gewogen.
Verweerder stelt dat eiseres zich niet heeft gemeld voor het vertrekgesprek op 24 maart 2025. De rechtbank acht deze lezing ondeugdelijk:
- Eiseres heeft verklaard dat zij zich op 24 maart meldde bij het COA, maar daar niemand aantrof.
- Zij kreeg een nieuwe afspraak voor 25 maart 2025, waarvoor zij keurig op tijd verscheen.
- Uit het M105-formulier blijkt dat eiseres op die datum inderdaad aanwezig was.
De rechtbank concludeert dat geen sprake was van een reëel of significant risico dat eiseres zich aan toezicht zou onttrekken. De maatregel was daarmee vanaf het begin onrechtmatig.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: Beroep gegrond
- Gevolgen:
• Schadevergoeding toegekend: € 400 (4 dagen × € 100)
• Proceskostenvergoeding: € 907 aan gemachtigde rechtsbijstand
Noten
• ECLI:NL:RVS:2020:829
• ECLI:NL:RVS:2014:2996
• ECLI:NL:RVS:2015:1015
• Dublinverordening (EU) nr. 604/2013