LP-traject Marokko actief; eiser belemmert eigen terugkeer
Rb. Den Haag | zp Rotterdam | 24-02-2026 | ECLI:NL:RBDHA:2026:5208 | NL26.6377 | Vreemdelingenrecht (art. 59 lid 1 sub a Vw 2000) | Beroep ongegrond
Feiten en procesverloop
Eiser (Marokkaanse nationaliteit) werd op 30 oktober 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 lid 1 sub a Vw. Dit is een vervolgberoep; de eerdere uitspraak (NL26.250, 13 januari 2026) oordeelde de bewaring tot 8 januari 2026 rechtmatig. De onderhavige toetsingsperiode loopt van 8 januari tot 18 februari 2026.
Eiser stelde: (1) geen zicht op uitzetting — LP-traject loopt feitelijk al sedert 2017 zonder resultaat; (2) onvoldoende voortvarend handelen; (3) een lichter middel was aangewezen.
Overwegingen rechtbank
- Zicht op uitzetting: In het algemeen bestaat zicht op uitzetting naar Marokko. De Marokkaanse nationaliteit werd op 14 april 2023 bevestigd via vingerafdrukken; terecht geldt dit als startdatum van het LP-traject. De Marokkaanse autoriteiten verlenen een LP op voorwaarde dat eiser zijn strafrechtelijke gegevens deelt; eiser weigert dit. Van eiser mag worden verwacht dat hij zelf meewerkt; hij kan zijn uitzetting bespoedigen. Concrete aanwijzingen dat het traject zal mislukken, ontbreken.
- Voortvarend handelen: Verweerder escaleerde op 26 november 2025 de zaak met de Consul-Generaal van Marokko (die aangaf de zaak intern verder te zullen behandelen), stuurde maandelijks rappels en voerde een vertrekgesprek.
- Lichter middel: Geen gewijzigde omstandigheden sedert 13 januari 2026; eiser verklaarde in het vertrekgesprek van 27 januari 2026 niet vanuit detentie te willen terugkeren en heeft geen acties ondernomen voor zijn terugkeer.
- Ambtshalve toetsing (Adrar): Niet gebleken dat non-refoulement of het gezinsleven zich verzetten tegen verwijdering.
Conclusie en gevolgen
- Uitspraak: Beroep ongegrond.
- Schadevergoeding: Afgewezen.
- Proceskosten: Geen vergoeding.
- Rechtsmiddel: Geen — tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Noten
- ECLI:NL:RVS:2022:3269 — ABRvS 14 november 2022: in het algemeen kan worden uitgegaan van zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Marokko.
- ECLI:NL:RVS:2023:3033 — ABRvS 8 augustus 2023: bevestiging van het algemene zicht op uitzetting naar Marokko.
- ECLI:EU:C:2022:858 — HvJEU 8 november 2022 (C, B en X): de bewaringsrechter is gehouden ambtshalve de rechtmatigheidsvoorwaarden van de bewaringsmaatregel te toetsen.
- ECLI:EU:C:2025:647 — HvJEU 4 september 2025 (Adrar): de bewaringsrechter toetst ambtshalve of non-refoulement en/of het belang van het kind en het gezinsleven zich verzetten tegen de verwijdering van de vreemdeling.
Geef een reactie