Bewaring – Ethiopië – ECLI:NL:RBDHA:2025:19517
Rb. Den Haag | zp Arnhem | 24-10-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:19517 | NL25.49497 | Vreemdelingenrecht – Bewaring (art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw) | Beroep ongegrond
Feiten en Procesverloop
Eiser (Ethiopische nationaliteit) zat strafrechtelijk in detentie van 21 februari 2024 tot 17 december 2024. Op 9 oktober 2025 maatregel van bewaring opgelegd (art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw 2000). Op 10 oktober 2025 OM-verzoek; op 14 oktober 2025 lp-aanvraag bij Ethiopische autoriteiten; op 20 oktober 2025 vertrekgesprek. Eiser overlegde geen identiteitsdocumenten. Zitting 21 oktober 2025.
Overwegingen Rechtbank
- Zicht op uitzetting naar Ethiopië: Voldoende. Sinds 8 juli 2025 persoonlijke presentaties in Brussel; 32 nationaliteitsbevestigingen in 2024, 8 in 2025; 3 lp’s verstrekt; 2 gedwongen uitzettingen. Lp-aanvraag eiser ingediend; geen weigering.
- Voortvarendheid: Voldoende; drie concrete stappen kort na inbewaringstelling. Vc 2000 A5/6.12: geen verplichting terugkeerhandelingen tijdens strafrechtelijke detentie bij niet-aansluitende bewaring.
- Lichter middel: Niet vereist gelet op onttrekkingsrisico.
- Ambtshalve toetsing: Geen onrechtmatigheid (ECLI:EU:C:2022:858).
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: Beroep ongegrond.
- Schadevergoeding: Afgewezen.
- Proceskosten: Geen veroordeling.
- Rechtsmiddel: Hoger beroep bij ABRvS binnen één week.
Noten