text under the eu flag

Zestigplussers niet zomaar in Dublinbewaring: gegrond

Rb. Den Haag | zp Rotterdam | 16-06-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:12695 | Vreemdelingenrecht (art. 59 lid 2 Vw 2000 — Dublin-bewaring) | Beide beroepen gegrond


Feiten en Procesverloop

Eiser en eiseres (koppel; nationaliteit niet vermeld; Dublin-overdracht naar Bulgarije) zijn op 27 mei 2025 ieder afzonderlijk in bewaring gesteld op grond van art. 59, tweede lid, Vw 2000. Bewaring is opgeheven door de uitzetting naar Bulgarije, na 8 dagen. De beoordeling beperkt zich tot de vraag of schadevergoeding toekomt.

Relevante omstandigheden ten tijde van oplegging:

  • | Ticket | Vlucht naar Bulgarije was op het moment van inbewaringstelling al geboekt |
  • | Medewerking | Eisers hadden in de gehoren verklaard mee te willen werken aan vertrek |
  • | Financiën | €1.800 contant beschikbaar |
  • | Verblijf | AZC; ingeschreven in BRP op AZC-adres |
  • | Leeftijd | Eiser boven de zestig |
  • | Medische situatie eiseres | PTSS + recidiverende ernstige depressieve stoornis (BMA-advies 19 augustus 2024) |

Eisers stellen dat de bewaringsgronden ondeugdelijk zijn gemotiveerd en dat verweerder ten onrechte heeft nagelaten een lichter middel op te leggen.


Overwegingen Rechtbank

1. Vaste woon-/verblijfplaats (lichte grond 4c):

Eisers staan ingeschreven op het AZC-adres. Onder verwijzing naar ECLI:NL:RVS:2023:3885 — een BRP-inschrijving of andere aantoonbare vaste verblijfplaats volstaat — oordeelt de rechtbank dat een AZC-adres niet als vaste woon-/verblijfplaats kan worden aangemerkt. Lichte grond 4c kan de maatregel in zoverre dragen. Lichte grond 4d (onvoldoende middelen) heeft verweerder ter zitting laten vallen, gelet op de beschikbare €1.800.

2. Lichter middel — motiveringsgebrek (kern):

Verweerder heeft ter motivering van het ontbreken van een lichter middel uitsluitend gewezen op het historisch gebrek aan medewerking (niet voldaan aan vertrekplicht 2022; geen aantoonbare acties). De rechtbank oordeelt dat dit een ondeugdelijke motivering oplevert, om de volgende redenen:

  • Ticket: Bij de oplegging was al een vlucht naar Bulgarije geboekt. Verweerder heeft niet gemotiveerd waarom hij eisers niet vertrouwde in hun toezegging mee te werken, nu een concreet ticket beschikbaar was.
  • Recente coöperatieve verklaringen: Eisers hadden tijdens de gehoren verklaard te zullen meewerken aan vertrek. Onder verwijzing naar ECLI:NL:RVS:2025:1409 (ABRvS 2 april 2025) — alle relevante feiten en omstandigheden moeten worden betrokken bij de afweging over het lichter middel — had verweerder deze recente verklaringen moeten afwegen tegen de eerdere weigerachtige houding.
  • Leeftijd en medische kwetsbaarheid: De hoge leeftijd van eiser (boven de zestig) en de ernstige psychische aandoeningen van eiseres (PTSS, ernstige depressieve stoornis) maken het minder waarschijnlijk dat eisers zouden onderduiken. Verweerder had deze omstandigheden kenbaar moeten betrekken. Onder verwijzing naar ECLI:NL:RVS:2019:1162 — medische kwetsbaarheid moet kenbaar worden betrokken bij oplegging bewaring — geldt dit ook voor de motivering van het lichter middel.

De bewaring is daarmee van aanvang af onrechtmatig.


Conclusie en Gevolgen

  • Uitspraak: Beide beroepen gegrond; bewaringsmaatregelen onrechtmatig van aanvang af.
  • Schadevergoeding: € 800,- per persoon (8 dagen × €100 detentiecentrum) = € 1.600,- totaal, te betalen door de griffier.
  • Proceskosten: € 2.267,50 ten laste van verweerder.
  • Rechtsmiddel: Hoger beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.

Noten

  • ECLI:NL:RVS:2025:1409 — ABRvS 2 april 2025: bij de afweging over het lichter middel moeten alle relevante feiten en omstandigheden worden betrokken; recente coöperatieve verklaringen en concrete omstandigheden (ticket, leeftijd, kwetsbaarheid) mogen niet worden genegeerd.
  • ECLI:NL:RVS:2019:1162 — ABRvS 11 april 2019: medische kwetsbaarheid van de vreemdeling moet kenbaar worden betrokken bij de oplegging van en motivering van de bewaringsmaatregel.
  • ECLI:NL:RVS:2023:3885 — ABRvS 2023: vaste woon-/verblijfplaats vereist BRP-inschrijving of anderszins aangetoonde verblijfplaats; AZC-adres volstaat niet.
  • Artikel 59, tweede lid, Vreemdelingenwet 2000 — Dublin-bewaring ter voorbereiding van overdracht aan verantwoordelijke lidstaat.
  • Artikel 106, eerste lid, Vreemdelingenwet 2000 — schadevergoeding bij onrechtmatige bewaring; tarief €100/dag detentiecentrum.

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder