Verzuim horen bij verlenging, procedurefouten: opheffing

Verlenging bewaring – Zorgvuldigheidsbeginsel geschonden – ECLI:NL:RBDHA:2025:906

Rb. Den Haag (zp Groningen) | 27-01-2025 | NL25.2202 | Bewaring – Onzorgvuldige verlenging – Schadevergoeding | Beroep gegrond

Feiten en Procesverloop

Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, is op 29 november 2024 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). De maatregel werd op 8 januari 2025 verlengd voor een periode van drie maanden.

Op 10 december 2024 heeft de minister eiser in een voornemen medegedeeld dat zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk zou worden verklaard en dat zijn bewaring zou worden verlengd. Op 11 december 2024 heeft de minister dit voornemen deels ingetrokken en eiser schriftelijk bericht dat geen sprake zou zijn van verlenging van de maatregel. Eiser diende hierop een zienswijze in, waarin hij – vanwege de brief van 11 december – niet is ingegaan op een mogelijke verlenging.

Op 8 januari 2025 heeft de minister de bewaring toch verlengd zonder eiser opnieuw in de gelegenheid te stellen zich hierover uit te laten. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld en schadevergoeding verzocht.

De rechtbank heeft het beroep op 24 januari 2025 op zitting behandeld.

Overwegingen Rechtbank

  1. Onzorgvuldige verlenging van de maatregel
    • De rechtbank overweegt dat de minister eiser per brief van 11 december 2024 had verzekerd dat verlenging niet aan de orde was. Hierdoor mocht eiser erop vertrouwen dat hij hierover geen zienswijze hoefde in te dienen.
    • Doordat de minister op 8 januari 2025 toch tot verlenging van de bewaring is overgegaan zonder eiser hierover te horen, is sprake van onzorgvuldigheid.
    • De rechtbank oordeelt dat de verlenging onrechtmatig is en dat de bewaring vanaf 11 januari 2025 onrechtmatig voortduurt.
  2. Duur van de bewaring en belangenafweging
    • De rechtbank ziet geen aanleiding om aan te nemen dat de bewaring vóór 11 januari 2025 al onrechtmatig was. De minister heeft voortvarend gehandeld door op 8 januari 2025 te beslissen op de asielaanvraag.
    • Eiser heeft geen feiten of omstandigheden aangedragen die nopen tot oplegging van een lichter middel.
  3. Schadevergoeding en proceskosten
    • De rechtbank kent schadevergoeding toe vanaf 11 januari 2025, omdat de maatregel vanaf dat moment onrechtmatig is.
    • De rechtbank veroordeelt de minister in de proceskosten.

Conclusie en Gevolgen

  • Uitspraak: Beroep gegrond.
  • Gevolgen: De rechtbank beveelt de opheffing van de maatregel van bewaring met ingang van 27 januari 2025.
  • Schadevergoeding: €1.700 (17 dagen onrechtmatige bewaring à €100 per dag).
  • Proceskosten: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €1.814 aan proceskostenvergoeding.

Noten

Geef een reactie

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingen bewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder