4-weken-beroepstermijn in maatregel onjuist. Proceskosten.

Bewaring – Informatievoorziening en bewijslast – ECLI:NL:RBDHA:2025:5926

Rb. Den Haag (zp Utrecht) | 09-04-2025 | NL25.9107 | Bewaring – Roemenië – informatieplicht – beroepsfouten niet doorslaggevend | Beroep ongegrond, wel proceskostenvergoeding

Feiten en Procesverloop

Eiser, van Roemeense nationaliteit en geboren in 1974, is op 25 februari 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, Vw. De maatregel is op 5 maart 2025 opgeheven. Het beroep strekt enkel nog tot schadevergoeding en beoordeling van de rechtmatigheid van de maatregel voorafgaand aan de opheffing.

De rechtbank heeft het beroep op 10 maart 2025 mondeling behandeld.

Overwegingen Rechtbank

Proces-verbaal en informatievoorziening
Eiser voert aan dat er twee versies van het proces-verbaal ophouding/onderzoek (M105-A) in het dossier zitten met verschillende tijdstippen van mededelingen. De rechtbank acht voldoende onderbouwd dat één document een fictieve conceptversie betreft en wijst dit verweer af.

Ook is een fout geconstateerd in de rechtsmiddelenclausule: daarin wordt onterecht een beroepstermijn van vier weken genoemd. Omdat eiser wel op tijd beroep heeft ingesteld en niet in zijn rechtspositie is geschaad, past de rechtbank artikel 6:22 Awb toe: het gebrek wordt gepasseerd.

Eiser stelt daarnaast dat de informatieplicht (artikel 5.3 Vb) is geschonden doordat de gronden niet nader zijn toegelicht. De rechtbank volgt deze redenering niet, verwijzend naar ECLI:NL:RVS:2023:4180: een aparte motivering in de vertaling is niet vereist als de toelichting is opgenomen in het hoofdformulier.

Beoordeling gronden
De maatregel is gebaseerd op onder meer gronden 3b (onttrekking aan toezicht), 3i (weigering terugkeer), en lichte gronden waaronder 4d (geen middelen) en 4e (verdacht van misdrijf).

De minister heeft gronden 3a en 4e laten vallen. De rechtbank acht de gronden 3b en 3i voldoende onderbouwd:

  • Eiser verbleef illegaal in Nederland sinds terugkeer uit Roemenië in januari 2025.
  • Hij heeft verklaard niet te willen terugkeren naar Roemenië maar naar België.

Deze gronden dragen de maatregel zelfstandig.

Ambtshalve toetsing
De rechtbank ziet geen andere onrechtmatigheden voorafgaand aan opheffing van de maatregel.

Conclusie en Gevolgen

  • Uitspraak: Beroep ongegrond
  • Gevolgen: Geen schadevergoeding
  • Proceskosten: € 1.814 toegekend vanwege foutieve rechtsmiddelenclausule

Noten

• ECLI:NL:RVS:2020:829
• ECLI:NL:RVS:2023:4180
• ECLI:NL:RVS:2012:BY4691


Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder