Bewaring – Foutief aangekruiste grondslag – ECLI:NL:RBDHA:2025:7186
Rb. Den Haag (zp Arnhem) | 25-04-2025 | NL25.16785 | Onjuiste toepassing artikel 59b Vw – bewaring van meet af aan onrechtmatig – beroep gegrond
Feiten en Procesverloop
Eiser is op 31 maart 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b, eerste lid, Vw. Op 22 april 2025 vond de zitting plaats via beeldverbinding.
De maatregel vermeldt als wettelijke grondslag artikel 59b, eerste lid, onder c, Vw 2000, terwijl in de motivering alleen elementen voorkomen die verwijzen naar de a- en b-grond (onttrekking aan toezicht en belemmering van uitzetting). De vakjes bij de a- en b-grond zijn echter niet aangekruist.
De minister verklaarde ter zitting dat het aankruisen van de c-grond berust op een verschrijving, en dat duidelijk zou blijken dat de maatregel feitelijk op de a- en b-grond is gebaseerd.
Overwegingen Rechtbank
- De rechtbank oordeelt dat onvoldoende duidelijk is op welke grondslag de maatregel berust.
- Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling (zie ECLI:NL:RVS:2019:1528 en ECLI:NL:RVS:2023:3593) moet bij het gebruik van het standaardmodel (109b) expliciet en correct worden aangekruist op welke van de vier wettelijke gronden (a, b, c of d) de maatregel rust.
- Een onjuist of ontbrekend aankruisen maakt de maatregel onrechtmatig, ook als uit de motivering zou kunnen worden afgeleid dat een andere grond bedoeld is.
- De rechtbank verwerpt daarom het betoog van de minister dat het alsnog ‘inlezen’ van de juiste grondslag via motivering mogelijk is.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: Beroep gegrond
- Maatregel: Onrechtmatig vanaf het begin
- Opheffing: Per 25 april 2025
- Schadevergoeding: €2600 (26 dagen × €100)
- Proceskostenvergoeding: €1814
Noten
• ECLI:NL:RVS:2019:1528
• ECLI:NL:RVS:2023:3593
• Vw 2000 – artikel 59b lid 1