Nog steeds geen uitspraak HB, RvS heft op na 6 weken

Dublinbewaring – Voorlopige voorziening schorst overdracht – Afdeling geeft voorrang aan belang vreemdeling – Bewaring opgeheven – ECLI:NL:RVS:2025:2419
ABRvS (voorzieningenrechter) | 26-05-2025 | NL25.16540 | Hoger beroep gegrond; uitspraak rechtbank vernietigd; beroep gegrond; maatregel opgeheven per heden; geen schadevergoeding; proceskostenvergoeding (€2.721)

Feiten en Procesverloop

Bij besluit van 12 maart 2025 is appellant in bewaring gesteld. De rechtbank Den Haag (zp Roermond) verklaarde op 28 april 2025 het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Appellant stelde hoger beroep in en diende tevens een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in.

Overwegingen Afdeling

De voorzieningenrechter overweegt dat sinds de eerdere uitspraak van 16 april 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:1664) – waarin is bepaald dat appellant niet aan Duitsland mag worden overgedragen voordat op het hoger beroep tegen de verlenging van het overdrachtsbesluit is beslist – reeds zes weken zijn verstreken zonder einduitspraak. In die andere procedure speelt een complexe rechtsvraag, waardoor nader onderzoek door de Afdeling nodig is. Een inschatting van het moment van uitspraak kan op dit moment niet worden gegeven.

Gelet hierop weegt het belang van appellant bij beëindiging van de bewaring zwaarder dan het belang van de minister bij voortduring daarvan. De voorzieningenrechter stelt daarom vast dat de bewaring met ingang van heden onrechtmatig is, en bepaalt dat de maatregel wordt opgeheven. Voor eerdere onrechtmatigheid is geen grond, en dus wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

De overige grieven van appellant bevatten geen rechtsvragen die beantwoording vergen in het kader van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming (art. 91, lid 2, Vw). Het verzoek tot het treffen van een afzonderlijke voorlopige voorziening wordt om die reden ook afgewezen.

Conclusie en Gevolgen

Uitspraak: Hoger beroep gegrond; uitspraak rechtbank vernietigd; beroep gegrond; bewaring opgeheven per 26 mei 2025; schadevergoeding afgewezen; proceskostenvergoeding toegekend (€2.721); afzonderlijk verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.

Noten

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder