Drie versies van de maatregel, eenzijdig gehoor en hoorder niet gelijk aan ambtenaar die maatregel heeft opgelegd
Rb. Den Haag | zp Roermond | 05-02-2026 | ECLI:NL:RBDHA:2026:1953 | NL26.3552 | Vreemdelingenrecht (art. 59b Vw 2000) | Beroep gegrond
Feiten en procesverloop
Eiser (Marokkaanse nationaliteit, geboren 1971) werd op 19 januari 2026 overgenomen van de Duitse autoriteiten en in bewaring gesteld (art. 59b Vw). In het dossier bleken drie inhoudelijk niet-identieke bewaringsmaatregelen gevoegd. Verweerder verklaarde dat enkel de maatregel van 15:30 uur de juiste was; de twee overige werden abusievelijk door de Koninklijke Marechaussee digitaal doorgezet. Tevens was de ambtenaar die eiser hoorde niet dezelfde als de ambtenaar die de maatregel oplegde. Verweerder liet ter zitting zware grond 3h en lichte grond 4b vallen.
Overwegingen rechtbank
- Gehoor niet toegespitst op asielgrondslag: Het gehoor richtte zich voornamelijk op de vraag of de maatregel noodzakelijk was voor uitvoering van het eerder vastgestelde terugkeerbesluit, niet op de proportionaliteit van bewaring gedurende de asielprocedure. Verwijzing naar ECLI:NL:RBDHA:2026:1898 — iedere bevaringsgrondslag kent eigen rechtmatigheidsvereisten.
- Drie maatregelen in het dossier: Inhoudelijk niet identiek; hoewel verweerder dit kon verklaren, had dit bij zorgvuldig werken niet nodig moeten zijn.
- Hoorder ≠ oplegger: De rechtbank acht deze werkwijze onjuist; de beslisser moet zelf in staat zijn te beoordelen of oplegging evenredig is. De combinatie wekt de indruk dat het format vóór het gehoor was aangemaakt.
- Zware gronden (art. 5.1b lid 3 Vb): 3a, 3b en 3c resteerden. Lichte gronden (art. 5.1b lid 4 Vb): 4a, 4c en 4d. Inhoudelijk niet beoordeeld.
Conclusie en gevolgen
- Oordeel: Beroep gegrond; bewaring onmiddellijk opgeheven.
- Schadevergoeding (art. 106 Vw): EUR 2.200,– (1 dag politiecel × EUR 160,– + 17 dagen detentiecentrum × EUR 120,–).
- Proceskosten: EUR 1.868,– ten laste van verweerder.
- Rechtsmiddel: Hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Noten
- ECLI:NL:RBDHA:2026:1898 — Rb. Den Haag zp Roermond 5 februari 2026: bevaringsgehoor moet zijn toegespitst op de specifieke grondslag.
Geef een reactie