Geen folder taal Benin. Alleen proceskosten

zp Groningen | 04-09-2025 | NL25.39560 | BEROEP ONGEGROND | ECLI:NL:RBDHA:2025:16493

Feiten en procesverloop

Eiser is een vreemdeling van Beninse nationaliteit. Op 19 augustus 2025 heeft de minister eiser de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59a, eerste lid, Vw (Dublin-bewaring). Grondslag: concreet aanknopingspunt voor overdracht aan Frankrijk (akkoord 25 maart 2025; overdrachtsbesluit 29 april 2025) en significant risico dat eiser zich aan het toezicht zal onttrekken. Op 21 augustus 2025 kondigde de minister de overdracht aan bij de Franse autoriteiten. Een vlucht was gepland voor 4 september 2025 (dag van de uitspraak). De zitting vond op 29 augustus 2025 plaats via telehoren (eiser in Rotterdam; mr. M.M. van Daalhuizen als gemachtigde). Uit het M110-gehoor bleek dat eiser de Dendi-taal spreekt; de informatiefolder werd echter in het Frans uitgereikt.

Standpunt eiser

Eiser voert aan dat de informatieplicht van artikel 5.3 Vb is geschonden omdat de informatiefolder niet in de Dendi-taal is uitgereikt, maar in het Frans, terwijl niet is gebleken dat eiser de Franse taal machtig is.

Overwegingen rechter

De rechtbank stelt de schending van artikel 5.3 Vb vast: de folder werd in het Frans uitgereikt terwijl eiser Dendi spreekt. Dit is een gebrek. De rechtbank past echter artikel 6:22 Awb toe en passeert het gebrek, na een belangenafweging die uitvalt in het voordeel van de minister. Tijdens het gehoor voorafgaand aan de inbewaringstelling is eiser via een beëdigde tolk in de Dendi-taal mondeling geïnformeerd over de gronden van bewaring. Eiser is erop gewezen dat hij recht heeft op bijstand van een advocaat en dat die advocaat namens hem beroep kan instellen. Eiser heeft daarmee gebruik kunnen maken van alle aan hem toekomende procedurele rechten en is niet benadeeld.

De rechtbank stelt verder vast dat alle gronden (3a, 3e, 3k, 3m, 4a, 4d) feitelijk juist zijn en de maatregel kunnen dragen. Eiser heeft verklaard niet naar Frankrijk te willen; een lichter middel volstaat niet. Voortvarendheid is aanwezig: vlucht gepland op 4 september 2025. Uit het BMA-advies blijkt dat eiser kan reizen mits begeleiding door een psychiatrisch verpleegkundige en aanwezigheid van behandelaar ter plaatse in Frankrijk; de rechtbank ziet geen aanwijzing dat hieraan niet kan worden voldaan.

Conclusie en gevolgen

Beroep ongegrond. Schadevergoeding afgewezen. Proceskosten: €1.814 wegens het informatiegebrek. Hoger beroep mogelijk bij de Afdeling binnen één week.

Noten

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder