ECLI:NL:RBDHA:2025:20273 Rb. Den Haag | zp. Groningen | 31-10-2025 | NL25.49639 | Bewaring (art. 59b lid 1 aanhef en onder d Vw) | Beroep ongegrond
Feiten en Procesverloop
Eiser is van Chinese nationaliteit en heeft een lopende asielaanvraag. Op 7 oktober 2025 is de maatregel van bewaring opgelegd op grond van art. 59b, eerste lid, aanhef en onder d, Vw 2000, wegens gevaar voor de nationale veiligheid of openbare orde. Eiser is strafrechtelijk veroordeeld voor de productie van harddrugs en het houden van een drugslaboratorium midden in een woonwijk. In zowel vertrekgesprekken als een nader gehoor bij de IND toonde eiser geen zelfreflectie of berouw. Hij heeft aanzienlijke schulden in zowel Nederland als China. De DT&V heeft zorgen geuit over recidiverisico. De zitting vond plaats op 24 oktober 2025 (via telehoren). De procedure voorafgaand aan de inbewaringstelling is door eiser niet bestreden.
Overwegingen Rechtbank
- Maatstaf art. 59b lid 1 onder d (openbare orde): Bewaring op deze grond is alleen gerechtvaardigd indien het persoonlijk gedrag van eiser een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving of de interne of externe veiligheid van Nederland aantast. Rechtsregel (ECLI:EU:C:2016:84, J.N.): de noodzakelijkheidstoets vereist een individuele, actuele beoordeling van het persoonlijk gedrag; de aantasting moet persoonlijk en present zijn.
- Motivering voldoende: Verweerder heeft gewezen op: (i) veroordeling voor harddrugsproductie in een woonwijk met risico’s voor omwonenden (brand, explosie, giftige stoffen); (ii) ontbreken van zelfreflectie of berouw bij de vertrekgesprekken en het nader gehoor; (iii) aanzienlijke openstaande schulden die recidiverisico verhogen; (iv) omstandigheid dat eiser gedurende strafdetentie niet aan het maatschappelijk leven is blootgesteld (tijdsverloop weegt daardoor minder zwaar). De rechtbank acht dit een voldoende onderbouwde vaststelling dat nog steeds een onmiskenbaar actuele dreiging van eiser uitgaat.
- Lichter middel: Gelet op de aard en ernst van het gevaar is een lichter middel niet passend. De enkele bereidheid tot een meldplicht volstaat niet.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: Beroep ongegrond; ambtshalve toetsing leidt niet tot ander oordeel.
- Gevolgen: De maatregel van bewaring blijft van kracht.
- Schadevergoeding: Verzoek afgewezen.
- Proceskosten: Geen veroordeling.
- Rechtsmiddel: Hoger beroep bij de ABRvS binnen één week na bekendmaking.
Noten
- ECLI:EU:C:2016:84 — J.N.: noodzakelijkheidstoets bewaring wegens gevaar voor nationale veiligheid/openbare orde; werkelijke, actuele en voldoende ernstige persoonlijke bedreiging vereist
- Artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder d, Vreemdelingenwet 2000
- Artikel 8, derde lid, onderdeel e, Opvangrichtlijn (2013/33/EU)