Rb. Den Haag | zp Rotterdam | 18-11-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:21998 | NL25.53814 | Vreemdelingenrecht — art. 59b lid 1 Vw 2000 | Ongegrond
Feiten en Procesverloop
Op 3 november 2025 stelde de minister een vreemdeling in bewaring op grond van artikel 59b, eerste lid, Vw 2000 ter vaststelling van zijn identiteit en nationaliteit en voor de beoordeling van zijn asielaanvraag. Ter zitting op 12 november 2025 verklaarde eiser aanvankelijk niet voor asiel naar Nederland te zijn gekomen maar gaf hij op meerdere pagina’s van het gehoor aan dat terugkeer zijn dood zou betekenen. Eiser weigerde het M35H-formulier te ondertekenen. Op 11 november 2025 nam hij toch deel aan een opvolgend aanvraaggehoor.
Overwegingen Rechtbank
- Bewaringsgrondslag art. 59b: correct toegepast; de gronden voor identiteitsvaststelling en asielbeoordeling zijn aanwezig (geen naleving vertrekplicht augustus 2024, twee vertrekken met onbekende bestemming, onjuiste persoonsgegevens, geen documenten).
- Non-refoulement/Ararat: de minister heeft voldoende onderzoek gedaan. ECLI:EU:C:2024:892 (Ararat) — ratio: non-refoulementtoetsing vereist concrete aanwijzingen voor risico; vage stellingen volstaan niet.
- Lichter middel: het beroep op de zwangere vriendin in Frankrijk vergroot het onttrekkingsrisico; geen adequaat alternatief voor bewaring beschikbaar.
- Ambtshalve toetsing: conform ECLI:EU:C:2022:858 uitgevoerd; geen onwettigheid vastgesteld.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: beroep ongegrond.
- Gevolgen: bewaring voortgezet.
- Schadevergoeding: afgewezen.
- PKV: geen proceskostenveroordeling.
- Rechtsmiddel: hoger beroep bij ABRvS binnen één week.
Noten
- ECLI:EU:C:2024:892 (Ararat) — non-refoulementtoetsing bij bewaring; vereist concrete aanwijzingen voor risico
- ECLI:EU:C:2022:858 — ambtshalve toetsingsplicht proportionaliteit bewaring Terugkeerrichtlijn
- Art. 59b lid 1 Vw 2000 — bewaring ter vaststelling identiteit en beoordeling asielaanvraag