Geen uitzethandelingen tijdens maand gevangenis én te lange ophouding: toch geen opheffing bewaring

Rb. Den Haag | zp Arnhem | 17-11-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:21720 | NL25.53612 | Vreemdelingenrecht — art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw 2000 | Ongegrond (gebreken; belangenafweging minister)

Feiten en Procesverloop

Van 4 oktober 2025 tot 2 november 2025 bevond eiser zich in strafrechtelijke detentie. Op 2 november 2025 om 09:00 uur werd hij overgedragen en in vreemdelingrechtelijke bewaring gesteld. De ondertekening van de bewaringsmaatregel vond plaats om 14:54/15:33 uur. De ophoudingstermijn werd daardoor met 33 minuten overschreden als gevolg van een storing in het ondertekensysteem. De minister voerde tijdens de strafrechtelijke detentieperiode (4 oktober–2 november) geen uitzettingshandelingen uit. Eiser was eerder uitgezet naar Georgië maar was onder een andere naam naar Nederland teruggekeerd. De zitting vond plaats op 11 november 2025.

Overwegingen Rechtbank

  • 33 minuten overschrijding ophoudingstermijn: het gebrek is veroorzaakt door een technische storing. Na belangenafweging ex art. 94 lid 6 Vw wegen de belangen van de minister (voorkoming onttrekking, substantieel vluchtrisico) zwaarder dan het belang van eiser — ratio: een technische storing van korte duur rechtvaardigt belangenafweging, maar de minister draagt het risico van zijn eigen systemen.
  • Inspanningsverplichting geschonden: de minister verrichtte gedurende de strafrechtelijke detentie (4 oktober–2 november 2025) geen uitzettingshandelingen, terwijl art. A5/6.12 Vc 2000 daartoe verplicht. De minister erkende dit gebrek ter zitting. Na belangenafweging: eiser had zich eerder onder valse identiteit onttrokken aan toezicht; substantieel onttrekkingsrisico — ratio: schending inspanningsverplichting leidt niet automatisch tot onrechtmatigheid wanneer het onttrekkingsrisico zo groot is dat een lichter middel evident niet volstaat.
  • Bewaringsgronden 3a, 3b, 3c: onbetwist aanwezig. Na oplegging op 2 november werd voortvarend gehandeld (vertrekgesprek dag 4, lp-aanvraag dag 5).

Conclusie en Gevolgen

  • Uitspraak: beroep ongegrond.
  • Gevolgen: bewaring voortgezet.
  • Schadevergoeding: afgewezen.
  • PKV: EUR 1.814 (vanwege de geconstateerde gebreken).
  • Rechtsmiddel: hoger beroep bij ABRvS binnen één week.

Noten

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder