Na toewijzing vovo twee dagen beraad

Rb. Den Haag | zp Den Haag | 20-11-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:22092 | NL25.53742 | Vreemdelingenrecht — art. 6 lid 1 en 2 Vw 2000 | Ongegrond

Feiten en Procesverloop

Op 3 oktober 2025 stelde de minister een eiseres in grensdetentie op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw 2000. Bij uitspraak van 30 oktober 2025 (NL25.50008) was de maatregel tot dat moment rechtmatig bevonden. Op 3 november 2025 wees de Afdeling bestuursrechtspraak een voorlopige voorziening toe, waarop de minister de bewaring op 4 november 2025 ophief. Eiseres stelde dat zij onmiddellijk na toewijzing van de vvv had moeten worden vrijgelaten en verzocht om prejudiciële vragen aan het HvJEU over de beraadtermijn van 48 uur. Zij baseerde dit op punt 38 van het HvJEU-arrest C. tegen Nederland van 4 oktober 2025.

Overwegingen Rechtbank

  • 48-uursberaadtermijn: de minister mocht na de voorlopige voorziening 24 uur nemen om te bepalen of een andere wettelijke grondslag beschikbaar was; opheffing op 4 november voldoet aan de tweedagenregel. ECLI:NL:RVS:2024:1869 — ratio: 24 uur beraadtijd na een vovo is toereikend; dit vormt geen schending van Unierecht.
  • Prejudiciële vragen: verzoek afgewezen; punt 38 C. tegen Nederland beantwoordt de gestelde vraag niet.
  • Ambtshalve toetsing: geen onwettigheidspunten.

Conclusie en Gevolgen

  • Uitspraak: beroep ongegrond.
  • Gevolgen: bewaring reeds opgeheven.
  • Schadevergoeding: afgewezen.
  • PKV: geen.
  • Rechtsmiddel: hoger beroep ABRvS binnen één week.

Noten

Ontdek meer van Jurisprudentie vreemdelingenbewaring

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder