Rb. Den Haag | zp Roermond | 12-11-2025 | ECLI:NL:RBDHA:2025:21307 | NL25.52889 | Vreemdelingenrecht — art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw 2000 | Ongegrond
Feiten en Procesverloop
Op 24 oktober 2025 stelde de minister een Nigeriaans onderdaan in bewaring ter voorbereiding van zijn uitzetting. Op 16 oktober 2025 had de rechtbank zijn beroep tegen de asielafwijzing ongegrond verklaard. Op 20 oktober 2025 liet zijn gemachtigde per e-mail weten dat eiser geen asielaanvraag wilde doen maar dat hij wel vrees voor terugkeer naar Nigeria had. Op 22 oktober 2025 reageerde de minister schriftelijk en legde op 24 oktober een nieuwe bewaringsmaatregel op. Eiser betwistte de bewaring wegens een locatiefout in de registratie (M109 vermeldde AC Schiphol; M110 vermeldde DTC Rotterdam), schending van non-refoulement-beginselen en een te lange termijn tussen de kennisgeving en de oplegging van de maatregel. De zaak werd ter zitting behandeld op 11 november 2025.
Overwegingen Rechtbank
- Locatiefout (M109 vs. M110): de discrepantie in de adresregistratie is een onzorgvuldigheid maar tast de rechtmatigheid van de maatregel niet aan; de IND-medewerker reisde feitelijk vanuit Schiphol naar Rotterdam. Na belangenafweging ex art. 94 lid 6 Vw leidt het gebrek niet tot onrechtmatigheid.
- Tweedagenregel: het tijdverloop van 20 oktober (e-mail gemachtigde) tot 24 oktober (nieuwe maatregel) is niet te lang; de reactie van de minister op 22 oktober voldoet aan de in de rechtspraak aanvaarde handelingstermijn.
- Non-refoulement/art. 3 EVRM: de minister heeft voldoende doorgevraagd; eiser droeg geen concrete aanwijzingen voor een refoulementrisico aan. Voldaan aan de vereisten van het Adrar-arrest (ECLI:EU:C:2025:647) — ratio: de minister moet non-refoulement actief onderzoeken, maar behoeft geen afzonderlijke motivering wanneer geen aanknopingspunten zijn aangedragen.
- Bewaringsgronden 3a en 3b: onbetwist aanwezig en voldoende om de maatregel te dragen.
Conclusie en Gevolgen
- Uitspraak: beroep ongegrond.
- Gevolgen: bewaring voortgezet.
- Schadevergoeding: afgewezen.
- PKV: geen proceskostenveroordeling.
- Rechtsmiddel: hoger beroep bij ABRvS binnen één week.
Noten
- ECLI:EU:C:2025:647 (Adrar) — non-refoulementtoetsing verplicht bij bewaring
- Art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw 2000 — bewaring ter voorbereiding uitzetting
- Art. 94 lid 6 Vw 2000 — belangenafweging bij procedurele gebreken