Aliassen, eerder MOB en geen documenten: ophouding en overdracht rechtmatig
Rb. Den Haag | zp Rotterdam | 17-02-2026 | ECLI:NL:RBDHA:2026:3587 | NL26.5683 | Vreemdelingenrecht (art. 59a lid 1 Vw 2000) | Beroep ongegrond
Feiten en procesverloop
Eiser wil niet terug naar Nigeria, Dublin. Bewaring opgelegd op 31 januari 2026 (art. 59a Vw). Eiser had in augustus 2022 al een eerdere overdracht aan Duitsland kunnen worden, maar vertrok met onbekende bestemming. Aangehouden zonder identificerende documenten. Eiser geïdentificeerd aan de hand van een identiteitszuil, ondanks meerdere aliassen. Verweerder deed op 2 februari 2026 een nieuw claimverzoek naar Duitsland (oud akkoord vervallen), geweigerd op 6 februari; Zweden accepteerde op 9 februari 2026.
Overwegingen rechtbank
- Ophouding (art. 50 lid 2 Vw): Geen identificerende documenten; rechtmatige grondslag. Gebruik van aliassen komt voor risico van eiser.
- Zware gronden (art. 5.1b lid 3 Vb): 3a en 3b feitelijk juist en voldoende (ECLI:NL:RVS:2020:829).
- Lichte gronden (art. 5.1b lid 4 Vb): 4c en 4d.
- Lichter middel: Niet adequaat: eiser vertrok in augustus 2022 met onbekende bestemming, vraagt asiel in meerdere landen zonder procedures af te wachten.
- Voortvarendheid: Nieuwe claim direct gedaan; Zweeds akkoord op 9 februari 2026.
- Ambtshalve toetsing: Geen strijd met non-refoulement of gezinsleven.
Conclusie en gevolgen
- Oordeel: Beroep ongegrond; schadevergoeding afgewezen.
- Proceskosten: Geen proceskostenveroordeling.
- Rechtsmiddel: Hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Noten
- ECLI:NL:RVS:2020:829 — ABRvS 25 maart 2020: feitelijke toelichting volstaat voor motivering bevaringsgronden.
- ECLI:EU:C:2022:858 — HvJ EU 8 november 2022 (C, B en X): ambtshalve toetsing rechtmatigheid bewaring.
- ECLI:EU:C:2025:647 — HvJ EU 4 september 2025 (Adrar): non-refoulement en gezinsleven ambtshalve te toetsen.
Geef een reactie