Claimakkoord ontbreekt: 48-uur-termijn voor heroverweging niet overschreden
Rb. Den Haag | zp Middelburg | 17-02-2026 | ECLI:NL:RBDHA:2026:3089 | NL26.6512 | Vreemdelingenrecht (art. 59a lid 1 Vw 2000) | Vervolgberoep ongegrond
Feiten en procesverloop
Nationaliteit eiser: onbekend (geboren 1986). Bewaring opgelegd op 16 januari 2026. Bij uitspraak van 29 januari 2026 was het voortduren tot 28 januari 2026 reeds rechtmatig bevonden. Op 27 januari 2026 verzocht verweerder Frankrijk om heroverweging van het claimakkoord; de Franse autoriteiten hadden tot 10 februari 2026 de tijd te reageren. Bij het sluiten van het onderzoek op 11 februari 2026 was nog geen reactie ontvangen.
Overwegingen rechtbank
- Geen claimakkoord: Eiser betoogde dat zonder gesloten claimakkoord voortduring op grondslag art. 59a niet mogelijk is. Verweerder stelde dat de Eurodac-treffer nog een concreet aanknopingspunt vormt en dat hij recht heeft op maximaal 48 uur voor een vervolgbesluit.
- 48-uur-termijn: Vaste rechtspraak kent verweerder een termijn toe van maximaal 48 uur om te besluiten tot een maatregel op andere grondslag (ECLI:NL:RVS:2024:1869 en ECLI:NL:RVS:2025:6279). Die termijn was bij het sluiten van het onderzoek nog niet verstreken.
Conclusie en gevolgen
- Oordeel: Vervolgberoep ongegrond; schadevergoeding afgewezen.
- Proceskosten: Geen proceskostenveroordeling.
- Rechtsmiddel: Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Noten
- ECLI:NL:RVS:2024:1869 — ABRvS 2024: verweerder heeft recht op maximaal 48 uur om te besluiten tot een maatregel op andere grondslag na verval van de Dublin-grondslag.
- ECLI:NL:RVS:2025:6279 — ABRvS 2025: bevestiging 48-uur-termijn alternatiefbesluit.
Geef een reactie