Rb. Den Haag Zittingsplaats Roermond | 30-04-2026 | ECLI:NL:RBDHA:2026:10756 | NL26.21298 | Vreemdelingenrecht (bestuursrecht) | Beroep ongegrond
Feiten en Procesverloop
Bewaring opgelegd 22 januari 2026 (art. 59 lid 1 aanhef en onder a Vw); duurt voort; inreisverbod 22 januari 2026. Volgberoep; eerdere uitspraak van 6 februari 2026 (NL26.3906, ECLI:NL:RBLIM:2026:1305: rechtmatig tot sluiting onderzoek op 3 februari 2026; getoetst vanaf die datum (r.o. 1). De rechtbank vroeg op 16 en 20 april 2026 om stukken en cijfers. Zitting 29 april 2026.
Eiser: onvoldoende voortvarend, geen zicht op uitzetting; het laissez-passer (LP) is aangevraagd op 1 april 2025 en 21 keer gerappelleerd; de minister had op zaaksniveau moeten rappelleren (r.o. 2).
Minister: cijfers LP Algerije 1 januari t/m 31 maart 2026: 74 aanvragen, 25 LP’s, 26 gedwongen vertrekken; gemiddelde doorlooptijd 217 dagen (2025) en 247 dagen (2026) (r.o. 3).
Overwegingen Rechtbank
- Zware (art. 5.1b lid 3 Vb) en lichte gronden (lid 4): niet besproken.
- HvJ-EU 14 januari 2021, TQ, C-441/19, ECLI:EU:C:2021:9, punt 79-80 (r.o. 5): de lidstaat moet na het terugkeerbesluit zo spoedig mogelijk verwijderen; de voortvarendheidsplicht geldt dus vanaf het terugkeerbesluit, niet pas na oplegging van de bewaring (ook Zaizoune C-38/14, ECLI:EU:C:2015:260, p. 33-34, volgens eerdere notitie).
- Onvoldoende voortvarend handelen na oplegging maakt de bewaring onrechtmatig; het handelen vóór oplegging moet bij de beoordeling worden betrokken (r.o. 6), onder verwijzing naar ECLI:NL:RBDHA:2026:29 (02-01-2026) en ECLI:NL:RBDHA:2026:33 (05-01-2026).
- Zicht op uitzetting aanwezig; eiser werkt niet mee (vertrekgesprek 2 maart 2026: wil ‘afwachten’, 18 maanden) (r.o. 7-9). De minister moet de totale duur van het LP-traject betrekken bij de vertrekhandelingen en het LP-traject intensiveren; hij kan daarmee niet wachten tot de verlenging moet worden beoordeeld (r.o. 8). De minister werkte tot nu toe voldoende voortvarend (r.o. 9).
- Non-refoulement/art. 5 Terugkeerrichtlijn niet ingeroepen (r.o. 10). Duur niet zo lang dat een verlengingsbesluit nodig is; Aroja (HvJ-EU 5 maart 2026, C-150/24, ECLI:EU:C:2026:148, punt 59, asielgrond meetellen?) niet beoordeeld omdat geen eerdere bewaring op asielgrond.
Conclusie en Gevolgen
Beroep ongegrond; maatregel rechtmatig voortgeduurd; schadevergoeding afgewezen; geen proceskostenveroordeling. Rechtsmiddel: geen rechtsmiddel vermeld.
Noten
ECLI:EU:C:2021:9; ECLI:EU:C:2026:148; ECLI:NL:RBDHA:2026:29; ECLI:NL:RBDHA:2026:33; ECLI:NL:RBLIM:2026:1305; Vw 2000; Vb 2000





